Basisgroep en groepssamenstelling

Kindercentrum ’t Kasteeltje heeft op alle locaties BSO voor een verticale leeftijdsopbouw gekozen, dit betekent dat er kinderen tussen de 4 en 12 jaar samen in een groep zitten. Door deze verschillende leeftijden kunnen broertjes en zusjes altijd bij elkaar in de groep, ze kunnen elkaar steunen indien ze dat nodig hebben. Door het verschil in leeftijd zijn er allerlei ontwikkelingsniveaus in de groep. Ieder kind kan hierdoor zich zelf zijn en veel van elkaar leren. Bij de oudere kinderen wordt het zorgen en helpen van de jongere ontwikkeld. De jongste kinderen leren veel van de oudere kinderen waardoor het zelfvertrouwen en eigen ontwikkeling van beide groepen wordt ontwikkeld. Kinderen kiezen zelf met wie ze graag spelen. Ze hebben dus ook de mogelijkheid om met leeftijdsgenoten samen iets te ondernemen. In het aanbod wordt ook zoveel als mogelijk rekening gehouden met de verschillen in leeftijd; sommige activiteiten zijn vooral gericht op het jongere kind, andere op het oudere en regelmatig zijn de activiteiten zo dat alle kinderen er aan deel kunnen nemen.
De BSO-middag wordt na binnenkomst en aanmelden altijd gestart vanuit de basisgroep. Als alle kinderen op de BSO zijn, gaan ze naar hun eigen basisgroep; dit is een groep met een vaste leidster, op een vaste plaats binnen de BSO-ruimte.
De kinderen eten in die groep fruit, een snoepje of een koekje en kunnen even hun verhaal kwijt als ze dat willen. Ook zorgt de vaste leidster dat ze alle kinderen even gezien heeft en indien nodig een gesprekje met ze houdt. Ook wordt vaak even besproken welke activiteiten er die dag zijn, is er speciale aandacht voor een jarige of andere bijzonderheden van die dag. Dit groepsmoment duurt ongeveer 15 minuten en daarna gaan alle kinderen weer in de grote groep hun activiteiten voor die dag kiezen. Het is mogelijk, maar niet noodzakelijk, dat broertjes / zusjes bij elkaar in de basisgroep zitten.
Als er tijdens het groepsmoment in de basisgroep bijzonderheden bij een van de kinderen naar voren komen die in het belang van het kind bij alle groepsleidsters van de dag bekend moeten zijn, communiceert de vaste groepsleidster dit met de overige leiding. Als er gedurende de dag bijzonderheden over een kind te melden zijn naar de ouder(s), zorgt de leiding dat dit bekend is bij de leidster die die dag verantwoordelijk is voor het afmelden als het kind naar huis gaat. De ouder wordt dan geïnformeerd en eventueel verwezen naar de groepsleidster die de bijzonderheden gemeld heeft. Zo zorgen we voor een adequate communicatie met groepsleiding onderling, het kind en de ouders.
Iedere bso-groep heeft vaste leidsters. Naast deze vaste leidsters staan indien nodig inval beroepskrachten. Iedere locatie heeft zijn eigen team. Door een vast team wordt duidelijkheid en een vertrouwde sfeer gecreëerd, zodat wij kinderen emotionele veiligheid kunnen bieden. De groepsgrootte varieert per locatie. U kunt de informatie over groepsgrootte terugvinden in Specifieke informatie over binnen- en buitenruimte per locatie.

Elk kind een mentor

Wij werken op alle groepen met mentorschap. De mentor is een pedagogisch medewerker die werkt op de groep van uw kind. Zij is direct betrokken bij de opvang en ontwikkeling van uw kind en kent uw kind daardoor goed. Zij kan de ontwikkeling van uw kind goed volgen en is het aanspreekpunt voor u om die ontwikkeling en het welbevinden van uw kind te bespreken. Indien de mentor daar aanleiding toe vindt, zal zij u uitnodigen voor een gesprek waarbij de ontwikkeling en welbevinden van uw kind met u besproken wordt. Als u daar zelf behoefte aan heeft kunt u de mentor altijd voor een gesprek vragen. Via de ouderinformatiebord wordt hoogte gebracht wie de mentor van uw kind is, u kunt natuurlijk ook zelf aan uw kind vragen of bij de groepleiding informeren. De vaste leidster van de basisgroep is de mentor van uw kind. Eventueel vervult de mentor ook een rol in het contact met andere professionals (met toestemming van de ouders).
Door het volgen van de ontwikkeling van het kind sluiten pedagogisch medewerkers aan op de individuele behoeften van een kind. Tevens kan er door overleg met ouders worden afgestemd hoe aan wensen en behoeften van het kind tegemoet kan worden gekomen. De combinatie van ontwikkelingsgericht werken en de inzet van een mentor maakt dat belangrijke ontwikkelstappen en mogelijke achterstanden, worden gevolgd en indien nodig tijdig gesignaleerd. De mentoren worden in het gehele proces ondersteund en gecoacht door de teamleidinggevende van de locatie.
Deze mentor heeft de volgende specifieke taken:

  • De mentor is contactpersoon voor kind, ouder, collega’s en na toestemming van ouder eventueel voor derden.
  • De mentor houdt de ontwikkeling en het welbevinden van het kind in de gaten.
  • Bij zorgen of vragen met betrekking tot het kind maakt de mentor dit inzichtelijk. De eventuele gesprekken die hieruit voortkomen worden door de mentor gevoerd in overleg met de teamleidinggevende.

De algemene dagelijkse overdrachtszaken kunnen gewoon met alle pedagogisch medewerkers van de betreffende dag worden besproken.